dinsdag 24 juni 2014

Levenslessen

In het onderwijs ben je in de eerste plaats een opvoeder. Je draagt immers de pedagogische verantwoordelijkheid over kinderen. Ik ben er van overtuigd dat jonge mensen in hun ontwikkeling een rolmodel nodig hebben en dat is wat ik probeer te zijn. En of je nu onderwijzer, meester, leraar, mentor, studieloopbaanbegeleider of vader bent; het belangrijkste instrument dat je hebt in de opvoeding ben je zelf. Ieder mens is het product van zijn eigen biografie, en ik geef u een inkijkje in de mijne.

‘Vader Bert’ overleed in 2005. Ik was toen nog getrouwd en hij was mijn schoonvader. “Je hoeft je gelijk niet te halen, want ik geef het je nu” was een uitspraak van hem die nog vaak door mijn hoofd schiet in bepaalde situaties.

Mijn eigen vader overleed vorig jaar. Van hem leerde ik dat je niet moet mopperen als het tegenzit, maar je werk goed en zorgvuldig moet doen en aandacht moet hebben voor de mensen om je heen. “En als je kansen slecht staan dan neem je een goede houding aan” zei hij regelmatig en dat had hij weer van zijn vader geleerd.

Nu ben ik bijna 50 en zelf vader van drie zoons en twee stiefzoons. Ik heb het verdriet van mijn scheiding achter mij gelaten, maar realiseer me ook dat ik mijn zoons Lennard, Stijn en Josse tekort heb gedaan. Een echtscheiding heeft grote gevolgen voor kinderen. Ruben en Ivo noemen mij gewoon Reinoud en geen stiefvader. Ze verloren hun eigen vader Hans op jonge leeftijd, maar gelukkig komt hij nog vaak ter sprake en kunnen ze ook benoemen welke levenslessen ze van hem hebben geleerd.


Op school leerde ik de stelling van Pythagoras, de Duitse naamvallen, de wet van de zwaartekracht en het multipliereffect en al die dingen ben ik ook weer vergeten. Wat de echte levenslessen zijn weet je meestal pas als je ouder wordt.

Mijn rol als ouder en als onderwijzer bijten elkaar soms. Als vader kan ik soms mijn eigen pedagogische inzichten helemaal vergeten. Wat is het toch verrekte lastig om je emoties op een goede manier te gebruiken als het gaat om je eigen kinderen. En wat is het toch verrekte lastig als je als vader vindt dat ze op school je eigen kind te streng aanpakken. Als vader geef ik mijn kinderen graag ruimte en vertrouwen en dat botst wel eens met de regels van school.

Mijn zoon Stijn krijgt deze week zijn diploma en gaat na de zomervakantie studeren in Nijmegen. Hij was wel klaar met school en school was klaar met hem. In zijn zoektocht naar autonomie kleurde hij vaak buiten de lijntjes en dat betekende de nodige botsingen en gesprekken met de coördinator en de rector en bovendien meerdere bezoekjes aan de leerplichtambtenaar. Als vader zat ik erbij en keek ik ernaar.

“Heb de moed om als ouder niet perfect te zijn” hoorde ik laatst iemand zeggen en ik dacht aan wat ik goed en niet goed had gedaan. Welke levenslessen mijn zoons daarvan hebben geleerd, mogen ze zelf zeggen als ze bijna 50 zijn.

Bij toerbeurt geven vier panelleden hun visie op onderwijs. Deze week Reinoud van Uffelen. Hij werkt namens het Koning Willem I College als Programmamanager Voortijdig Schoolverlaten voor de regio Noordoost-Brabant. 



dinsdag 11 maart 2014

Leerplicht

Deze column verscheen ook op de website www.dagvandeleerplicht.nl in de categorie "verhalen van wethouders". Ik heb overigens (nog) geen ambities in die richting. Hier vind je een link, maar de column is hieronder ook te lezen.

Ik was 17 jaar in 1982, zat in 5 Atheneum en wist eigenlijk al dat ik zou blijven zitten dat jaar. Ik had een leuk en druk leven, ik was actief bij de voetbalclub als jeugdleider en zat in de redactie van het voetbalblaadje. Ik werkte een avond per week bij een benzinepomp en bracht iedere donderdag het weekblad en folders rond. In de schoolvakanties werkte ik bij de plaatselijke augurken- en appelmoesfabrikant. Op school hielp ik mee met de organisatie van allerlei feesten en activiteiten en ik het weekend ging ik uit en dronk ik bier, want dat mocht toen nog toen je 17 was. Geld was altijd welkom en toen klasgenoot André mij vertelde over een lucratieve klus hapte ik gelijk toe. In opdracht van de gemeente gingen we fietsers tellen en we kregen per uur een flink bedrag betaald. Mijn ouders vonden het best gek dat ik opeens iedere ochtend zo vroeg van huis ging want meestal was ik mijn bed niet uit te branden. Wat ze niet wisten was dat ik niet naar school ging, maar naar een fietsbruggetje in een buitenwijk waar ik van 7.00 tot 9.00 met een turflijst in de hand fietsers telde. Toen ik na 9.00 met klasgenoot André samen naar school fietste en we dus te laat kwamen moesten we lachen om al die leraren die vriendelijk naar ons gezwaaid hadden. Bij de gemeente waren ze erg enthousiast over onze tellingen en we mochten een week later weer een week lang fietsers tellen, nu op een andere plek. Hier kwamen  weer andere leraren langsfietsen en ook zij zwaaiden vriendelijk. Een paar weken verstreken en nadat we op ieder strategisch plekje in de stad fietsers hadden geteld had onze contactpersoon bij de gemeente een nieuwe opdracht. We mochten buspassagiers tellen. Om 7.00 uur moesten we ons melden op het station en we kregen ieder een eigen buslijn toegewezen. Tot 9 uur reden we in deze bus van begin- naar eindpunt heen en weer en we telden bij iedere halte hoeveel mensen er in- en uitstapten. Ik kreeg de buslijn die langs mijn school reed en daar zat ook een leraar in die mij herkende en het vreemd vond dat ik niet uitstapte bij school. Eenmaal op school moest ik bij de conrector komen en was het afgelopen met mijn bijbaantje in dienst van de gemeente want “het was niet de bedoeling dat ik tijdens schooltijden betaalde arbeid verrichtte” aldus de conrector.

Nu is het ruim 30 jaar later en werk ik zelf in het onderwijs. Tegenwoordig is de leerplicht uitgebreid met de kwalificatieplicht. Jongeren tussen 16 en 18 jaar moeten onderwijs volgen tot zij een startkwalificatie hebben. Daarom werken scholen intensief samen met gemeentes om er samen voor te zorgen dat zo veel mogelijk jongeren een startkwalificatie halen.

Anno 2014  is het ondenkbaar dat jongeren spijbelen van school omdat ze in opdracht van de gemeente fietsers en buspassagiers moeten tellen. Als leerlingen meer dan 16 uur spijbelen dan worden ze gemeld bij de leerplichtambtenaar van de gemeente. De Leerplichtambtenaar kan een oplossing op maat aandragen, maar ook optreden als “critical friend” van het onderwijs. Gemeentes zijn ook belangrijk in het bij elkaar brengen van scholen en het bedrijfsleven. Ook kunnen gemeentes hun sociale gezicht tonen en voor elke tien medewerkers één stageplaats aanbieden.

Terugdringen van schooluitval is geen project met een begin en een eind. De doelstelling is ambitieus, maar haalbaar, zeker als gemeentes en scholen samenwerken in dienst van “hun” jongeren. Niet door naar elkaar te wijzen maar door samen in gesprek te blijven over en met kwetsbare kinderen. De leerplicht en kwalificatieplicht zijn daarbij ondersteunend.

Bij toerbeurt geven vier panelleden hun visie op onderwijs. Deze week Reinoud van Uffelen. Hij werkt namens het Koning Willem I College als Programmamanager Voortijdig Schoolverlaten voor de regio Noordoost-Brabant.





dinsdag 26 november 2013

Tweede kans

“Van Krantenjongen tot Miljonair” is een boek uit 1926 en het boek zegt dat als je maar hard genoeg werkt, lef hebt en ondernemend bent dat je er wel komt in het leven. Bill Gates en Steve Jobs maakten hun universitaire opleiding niet af maar dat was voor hen geen belemmering om Microsoft en Apple uit te bouwen tot grote multinationals. In Nederland hebben we Henny van der Most en Joop van den Ende. Henny verliet op 15 jarige leeftijd de technische school en ging in oud ijzer handelen. Hij is nu 63 jaar, koopt oude bedrijfspanden, bouwt deze om tot horeca- en amusementspaleizen en heeft zo’n 2000 medewerkers in dienst. Joop van den Ende maakte de LTS wel af, maar ging niet verder leren. Hij begon een winkel in feestartikelen en zijn levensverhaal is bekend.

Bijna iedereen kent wel iemand in zijn omgeving die het zonder diploma heeft gemaakt. Wat al die extreem succesvolle schoolverlaters zo groot gemaakt heeft, is niet hun gebrek aan een diploma of opleiding. Ze beschikken over een ongelooflijk talent en dat is de basis voor hun succes.

Zelf ben ik ook een schoolverlater. Mijn universitaire studie bracht me niet wat ik zocht en in ieder geval geen geluk. Na wat omzwervingen en een aantal jaren als reisleider werd ik terug in Nederland geconfronteerd met de realiteit. Ik was niet talentvol en ondernemend genoeg om zonder diploma verder te komen en via allerlei baantjes belandde ik op 32-jarige leeftijd als zij-instromer in het Middelbaar Beroepsonderwijs. Ik was 35 toen ik mijn HBO-diploma haalde.

Nu mag ik mij in de regio Noordoost-Brabant Programmamanager Voortijdig Schoolverlaten noemen. Investeren in jongeren en een startkwalificatie loont, daarom werk ik mee aan de landelijke ambitie om het aantal voortijdig schoolverlaters in 2016 terug te dringen tot maximaal 25.000 leerlingen per jaar.
Scholen en instellingen kunnen veel doen om uitval te voorkomen. Dat begint bij het voeren van intakegesprekken en het bieden van objectieve informatie over de opleiding en het werk waar het toe opleidt. Ook is het belangrijk dat onderwijs goed en uitdagend is. Een voorbeeld is het werkatelier op de Ondernemersacademie van het Koning Willem I College. In het werkatelier leren studenten individueel of in kleine groepjes ondernemend te denken en te zijn.
Het belangrijkste middel in de strijd tegen voortijdig schoolverlaten is echter het intensief begeleiden van leerlingen tijdens de gehele studieloopbaan.  Het vereist pedagogische tact. Een goede verbinding tussen docent en leerling is essentieel. Goede relaties geven het vertrouwen dat nodig is voor goede prestaties.
Scholen moeten ook samenwerken en elkaar vinden in het belang van onze jongeren. Niet iedereen is een Bill Gates of een Joop van den Ende. Een startkwalificatie helpt jongeren  op weg en als samenleving zijn we het verplicht om jongeren kansen en indien nodig tweede kansen te bieden.
Ik ben blij dat ik een tweede kans heb gehad.

Bij toerbeurt geven vier panelleden hun visie op onderwijs. Deze week Reinoud van Uffelen. Hij werkt namens het Koning Willem I College als Programmamanager Voortijdig Schoolverlaten voor de regio Noordoost-Brabant.





woensdag 4 september 2013

Liefde

Uiteindelijk draait alles om de liefde. Toch? Liefde is overal en dus ook in het onderwijs.

De kleuterjuffrouw die met liefde praat over “haar” leerlingen. De al wat oudere aardrijkskundeleraar met een grenzeloze liefde voor zijn mooie vak. De 16-jarige gymnasiaste die stiekem verliefd is op die jonge Biologie-leraar met zijn mooie krullen. De startende docente die zich aangetrokken voelt tot die dromerige goedgebouwde jongen recht achterin het lokaal. De ervaren docent Engels die even niet zo goed functioneert omdat hij de liefde van zijn leven is kwijtgeraakt.

Liefde.

Liefde is alom aanwezig op school. Op Valentijnsdag zie ik ieder jaar meer jongens en meisjes met een rode roos onder hun arm van het station naar school lopen. Slimme studenten op onze campus hebben er zelfs een handeltje van gemaakt. Ook komt de GGD regelmatig binnen de schoolpoorten. Ze proberen jongeren bewust te maken van het feit dat liefde en seks mooi zijn en dat het iets is waarop je je goed kunt voorbereiden. 

Maar het mooiste om als docent mee te maken is de liefde tussen twee van je leerlingen.

In april 2007 zag ik het ontstaan tussen twee van mijn leerlingen. Frank uit Rosmalen was toen derdejaars van de opleiding Toerisme op het Koning Willem I College en wij hadden hem als “ouderejaars” meegenomen als reisbegeleider van een tweedejaars studiereis naar Spanje. Stephanie, een meisje met een Portugees-Deense achtergrond die sinds 2005 in Vught woonde, was mee op reis. Ik herinner me nog goed dat Frank me in vertrouwen nam en zei dat er een meisje in de groep zat dat hem leuk vond en dat het wederzijds was. Hij vroeg zich af of hij er wel werk van kon maken, want hij was immers de reisleider. “Go for it, Frank” zei ik. Maar de liefde hield geen stand want Stephanie ging korte tijd na de studiereis stage lopen voor het “Disney International Programme” in Florida. Die stage duurde tot eind oktober en juist op dat moment vertrok Frank naar Curaçao voor zijn vierdejaars stage. Ze zouden elkaar dus een jaar niet zien.

Ruim vier jaar later, op 1 september 2011 was er een reünie van de opleiding Toerisme in café Loenz hier in de stad. Ik stond aan de bar gezellig te kletsen en opeens had ik het gevoel dat ik mijn twee gesprekspartners beter alleen kon laten.

Nu, twee jaar later zie ik op Facebook dat Stephanie werkt als service agent voor de KLM en dat Frank restaurant & conference supervisor is bij het Mercure in Den Haag. Hun beroepsopsleiding op het Koning Willem I College heeft hen een goede start in de maatschappij gegeven. Maar nog belangrijker is dat ze elkaar in de liefde gevonden hebben. Het staat er echt: “relatie sinds 1 september 2011” en ik was erbij.


Liefde. Uiteindelijk draait alles om de liefde.

Bij toerbeurt geven vier panelleden hun visie op onderwijs. Deze week Reinoud van Uffelen. Hij werkt namens het Koning Willem I College als Programmamanager Voortijdig Schoolverlaten voor de regio Noordoost-Brabant.



dinsdag 11 juni 2013

Zomervakantie

 “Vakantie” twitterde Ivo op donderdag 23 mei kort nadat hij zijn laatste VMBO-examen  had gemaakt. Hij was er vrij zeker van dat hij geslaagd was en, okee, hij moest nog een keer naar school om zijn boeken in te leveren en natuurlijk ook om zijn diploma op te halen, maar de MBO-opleiding van zijn keuze zou pas op maandag 26 augustus beginnen. Ruim drie maanden zomervakantie. Drie maanden!

Denk je eens in, 16 jaar en drie maanden niks doen. Met de huidige jeugdwerkloosheid liggen ook de vakantiebaantjes niet voor het oprapen en met je vrienden een weekje naar Lloret de Mar of Renesse is leuk, maar thuis wacht weer die lange zomervakantie. Een periode van uitslapen, rondhangen en eindeloos relaxen breekt aan.

Het is vreemd dat naarmate kinderen ouder worden hun zomervakanties steeds langer worden. Op de basisschool krijgen ze zes weken en, in het voortgezet onderwijs zelfs zeven. Op papier dan, want op veel scholen is de laatste toetsweek vaak al twee weken voor het officiële begin van de vakantie. Afhankelijk van de regionale vakantiespreiding heeft een leerling die VMBO-examen doet zelfs iets meer of iets minder dan drie maanden vakantie. Drie maanden lang is de leerling dus niet in beeld als leerling. Niet bij het VMBO en ook niet bij het MBO.

In die drie maanden kan er een hoop gebeuren. Het merendeel van de leerlingen slaagt voor het examen en vervolgt na die lange zomervakantie zijn schoolcarrière op de HAVO of in het MBO. Maar er zijn ook leerlingen die in de zomervakantie 18 worden en die geen zin meer hebben in school, er zijn leerlingen waarvan in de zomervakantie hun vader of moeder overlijdt, leerlingen die een ongeluk krijgen, leerlingen die op het laatste moment toch besluiten een andere studierichting te kiezen, leerlingen die het opeens allemaal niet zien zitten, leerlingen die zich op drie verschillende ROC’s hebben ingeschreven en ook leerlingen die zich ondanks de inspanningen van hun mentor en decaan nog in het geheel niet hebben aangemeld voor een vervolgopleiding.

Die lange zomervakantie levert dus altijd een aantal voortijdig schoolverlaters op en op het Ministerie noemt men dit verschijnsel het Zomerlek.

In de regio ’s-Hertogenbosch proberen we dit zomerlek te dichten met het programma VSV-manager. Het is een eenvoudig systeem dat de professionals van het VMBO en het MBO bij elkaar heeft gebracht. De decanen van 12 VMBO’s voeren allemaal de zelfde administratie. Ze wijzen sommige leerlingen aan als risicoleerling en er zijn twee brugwachters die samen met leerplicht meekijken en actie ondernemen als dat nodig is.

Het zomerlek zal nooit helemaal gedicht worden en het is ook nooit helemaal te voorkomen dat leerlingen een verkeerde studiekeuze maken. Uitvallers op het MBO zullen er altijd blijven en daarvoor hebben we op het Koning Willem I College gelukkig de Succesklas.

Natuurlijk heeft iedere regio zijn eigen systeem of project en dat is prima. Waar het bij de overstap VMBO-MBO uiteindelijk om draait is een regionale betrokkenheid en een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid.


Ik wens iedereen een fijne zomervakantie!

Mijn column "zomervakantie" verscheen op de website www.aanvalopschooluitval.nl van het Ministerie van OC en W.